Meer met anderen bezig zijn dan met jezelf.

Het boodschappen doen in de 1.5 meter samenleving lijkt op hoe ik mij door mijn carrière heb bewogen.

Het manoeuvreren in de supermarkt. Anderen laten bepalen hoe je beweegt. Zo goed mogelijk afstand houden en kijken wat anderen doen. En soms sta je klem, komt het net even zo uit dat iedereen tegelijk bij een schap staat. Dan is het zoeken naar een uitweg om zo snel mogelijk eruit te komen op een zo veilig mogelijke manier.

Zelf een richting kiezen lukte niet 

In mijn werk heb ik nooit echt zelf bewust gekozen voor een richting. Ik wist nooit zo goed wat ik wilde. En als je dat niet duidelijk hebt, dan is de makkelijke weg om anderen te laten bepalen hoe je beweegt. En ik had niet eens echt door dat dit gebeurde.

Het waren de momenten dat een leidinggevende ergens hulp bij nodig had en dacht dat ik daar wel goed bij kon helpen. “Ik denk dat je dat goed kan”. Of er kwam een nieuwe functie beschikbaar waar ik volgens iemand echt op moest solliciteren omdat het zo goed bij me paste.

Ok, dacht ik. Leuk, een nieuwe uitdaging. Kan ik me weer verder ontwikkelen. Dat was altijd belangrijk voor me, uitdaging voelen. Zo heb ik aardig wat baantjes en functies achter de rug door af te gaan op wat anderen in mij zagen.

En ik werkte dan altijd hard om te bewijzen dat ik het inderdaad kon. Mijn perfectionisme speelde dan op met als gevolg dat ik meer voor anderen bezig was dan voor mezelf.

Maar wat past dan bij mij?

Ik raakte steeds meer het gevoel kwijt dat ik zelf een keuze had. En daardoor werd kiezen steeds lastiger. Ik ging twijfelen aan mezelf. En als iemand mij dan bevestiging ging gaf, dan was dat even een stukje duidelijkheid wat ik zocht. En ik ging daar dan in mee. De veilige weg voor als ik even klem zat.

Daardoor ging ik vaardigheden ontwikkelen die voor de organisatie nodig waren. Op zoek naar mijn eigen natuurlijke talent en dit verder ontwikkelen kwam niet bij me op.

Wie ben ik? Wat wil ik? Wat kan ik? Vragen waar ik lange tijd niet mee bezig ben geweest.

Drie signalen waaraan je herkent dat je teveel aanpast

Hoe langer jij je aanpast, hoe beter je erin wordt. En met aanpassen zelf is niet iets mis. Totdat je over teveel grenzen gaat en teveel doet wat niet in lijn is met wie je bent. Je begint te voelen dat stress de overhand neemt. Je gaat met tegenzin naar je werk. En je wordt steeds meer ontevreden en dit sijpelt langzamerhand door naar je privé leven.

Je bent niet meer jezelf, maar je weet ook niet meer wie dat dan is.

Voordat je dat punt bereikt zijn er signalen waaraan je herkent dat het aanpassen aan het doorschieten is.

  1. Van nadenken naar piekeren

Je hebt het gevoel dat je op de automatisch piloot leeft. Je zit vast in een routine die je niet helpt en je piekert veel. Het gaat over dat je wat anders wil, maar niet goed weet waar te beginnen. Je voelt dat wat je doet niet in lijn ligt met wie je bent. Vaak schieten we in ons hoofd. Piekeren is zoeken naar antwoorden die je niet kunt vinden met je verstand.

Het verstand houdt ervan om bezig te zijn. Het zal je steeds proberen weg te trekken bij je gevoel. Helemaal als dat gevoel niet prettig is, zoals bijvoorbeeld bij stress. Je praat je situatie weer goed: het valt wel mee, het komt wel, het is ook wel goed zo, andere dingen zijn eerst belangrijk. Ik mag maar blij zijn dat ik een vast contract heb. Ik heb toch leuke collega’s.

Je praat je gevoel weer weg, terwijl het er wel wil zijn. Dus het komt weer terug en steeds sterker.

2. Je timmert je leven dicht door je eigen regels

Je eigen regels herken je aan dat je vanalles moet van jezelf. Zo ontstaat er onbewust een persoonlijk wetboek. Die regels zijn er om jezelf en je omgeving voorspelbaar te houden. Je past je aan door je aan de regels te houden. Regels die vaak bij mij naar voren kwamen:

  • Ik moet blijven voor mijn collega’s
  • Ik moet eerst van mijn onzekerheid af
  • Ik moet alles goed doen
  • Ik moet financieel alles op orde hebben
  • Ik moet sociaal zijn

Als jij je niet aan je regel houdt, dan voel je je vaak slecht daardoor. Hoe vaker je bepaalde regels van jezelf moet volgen, hoe strenger ze worden.

Zeg je veel ‘moeten’ dan is dat een signaal dat je steeds verder afstaat van wat je wil.

3. Kiezen voor de veilige weg

Je voelt dat je wat anders wil, maar je durft niet.

Ook hierin zit een aanpassing. Je past je aan de patronen waaraan je gehecht bent geraakt, maar die niet altijd helpen. Die patronen zijn veilig en eigen geworden. En stel dat je daaruit breekt, wat gebeurt er dan? Verstandelijk gezien weten we dat we niet alle uitkomsten kunnen controleren. Ondertussen voelen we de behoefte aan zekerheid over de uitkomst.  

Dit is een spagaat waarin je zit.

Als je merkt dat je regelmatig voor de keuze staat wat aan je situatie te gaan doen, dan doe je eigenlijk niets. De keuze die je maakt is ervoor kiezen om niet te kiezen. Je gaat voor de korte termijn beloning van zekerheid. Het is  zeker dat er even niets verandert, zodat je niet met de onvoorspelbaarheid om hoeft te gaan.

Maar de keuze komt weer terug. Je blijft in patronen zitten die niet helpen. Je raakt steeds meer verwijderd van jezelf. En dat is een hoge prijs die je betaalt.

Bovenstaande signalen geven aan dat je aan het aanpassen bent. En teveel aanpassen, het continue afstemmen op je omgeving en je patronen zorgt ervoor dat je niet meer goed weet wat jij wil, waar jij voor staat en wat jij belangrijk vindt.

Je groeit niet op de manier die bij jou past, en dat is zonde.

Het is belangrijk om eerst terug te gaan naar jezelf. Inzichten te krijgen waar je écht wat aan hebt. Vertrouwen te ontwikkelen om met onzekerheid om te gaan. En in beweging komen, stap voor stap. Het roer hoeft niet in één keer om. Start je met een reset op je werkleven.

Ik wil je hier graag bij helpen. In mijn community Reset mijn werkleven geef ik drie masterclasses over hoe je kunt resetten en toewerkt naar:

  • Meer vertrouwen en focus in een periode van onvoorspelbaarheid
  • Inzichten over jezelf waar je echt wat mee kan
  • Regie pakken en jouw richting bepalen